Zoek woord uittrekken heeft 9 resultaten
NL Nederlands FR Frans
uittrekken [tandheelkunde]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
extraire [tandheelkunde]
  • aient extrait
  • aies extrait
  • extraient
  • extraies
uittrekken [tandheelkunde]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
tirer [tandheelkunde]
  • aient tiré
  • aies tiré
  • tirent
  • tires
uittrekken [kleding]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
enlever [kleding]
  • aient enlevé
  • aies enlevé
  • enlèves
  • enlèvent
uittrekken [kleding]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
retirer [kleding]
  • aient retiré
  • aies retiré
  • retires
  • retirent
uittrekken [kleding]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
ôter [kleding]
  • aient ôté
  • aies ôté
  • ôtes
  • ôtent
NL Nederlands FR Frans
uittrekken [kracht]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
arracher [kracht]
  • aient arraché
  • aies arraché
  • arraches
  • arrachent
uittrekken [tandheelkunde]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
arracher [tandheelkunde]
  • aient arraché
  • aies arraché
  • arraches
  • arrachent
uittrekken [voorwerp]
  • uitgetrokken
  • trekt uit
  • trekken uit
  • trok uit
  • trokken uit
arracher [voorwerp]
  • aient arraché
  • aies arraché
  • arraches
  • arrachent
uittrekken [haar] s'épiler [haar]
NL Synoniemen voor uittrekken FR Vertalingen
extraheren [trekken] arracher
uitnemen [uithalen] élargir
weghalen [uithalen] enlever
trekken [extraheren] n dévier
uitdoen [afleggen] éteindre
uithalen [uitnemen] éviscérer
uitrukken [uittrekken] arracher
reserveren [bestemmen] réserver
samenvatten [samenvatten] résumer
wegtrekken [emigreren] entraîner