Zoek woord turn aside heeft 4 resultaten
Ga naar
EN Engels NL Nederlands
turn aside (v) [deflect] afbuigen (v) [deflect]
turn aside (v) [deflect] afwijken (v) [deflect]
turn aside (v) [face] afwenden (v) [face]
turn aside (v) [face] afkeren (v) [face]

EN NL Vertalingen voor turn

turn (v) [road]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
draaien (v) {n} [road]
  • gedraaid
  • draait
  • draaien
  • draaiden
  • draaide
turn (v) [rotation]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
draaien (v) {n} [rotation]
  • gedraaid
  • draait
  • draaien
  • draaiden
  • draaide
turn (v) [traffic]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
draaien (v) {n} [traffic]
  • gedraaid
  • draait
  • draaien
  • draaiden
  • draaide
turn (v) [traffic]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
afslaan (v) [traffic]
  • afgeslagen
  • slaan af
  • slaat af
  • sloegen af
  • sloeg af
turn (v) [traffic] een afslag nemen (v) [traffic]
turn (n) [road] afslag (n) {m} [road]
turn (v) [road]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
buigen (v) [road]
  • gebogen
  • buigen
  • buigt
  • boog
  • bogen
turn
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
veranderen
  • veranderd
  • veranderen
  • verandert
  • veranderde
  • veranderden
turn (n) [road] bocht (n) {m} [road]
turn (v n) [become]
  • turned
  • turn
  • turn
  • turned
  • turned
worden (v n) {n} [become]
  • geworden
  • worden
  • wordt
  • werd
  • werden

EN NL Vertalingen voor aside

aside (o) [apart] apart (o) [apart]
aside (o) [direction] terzijde (o) [direction]
aside (o) [apart] opzij (o) [apart]
aside (o) [direction] opzij (o) [direction]
aside (o) [direction] zijwaarts (o) [direction]
aside (o) [apart] weg (o) {m} [apart]

Engels Nederlands vertalingen

EN Synoniemen voor turn aside NL Vertalingen
avert [turn away] (formal vermijden
diverge [direction] verschillen
swerve [direction] zwenken
deviate [direction] abnormaal
vary [direction] variëren
depart [direction] afwijken
draw away [distract] wegtrekken
divert [distract] bezighouden
turn [deflect] worden {n}
redirect [deflect] nazenden
deflect [divert] afwijken
turn away [avert] de deur wijzen