Zoek woord opnemen heeft 21 resultaten
NL Nederlands EN Engels
opnemen [bandrecorder] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
tape-record [bandrecorder]
  • tape-recorded
  • tape-record
  • tape-record
  • tape-recorded
  • tape-recorded
opnemen [plannen] {n} reckon in [plannen]
opnemen [berekening] {n} reckon in [berekening]
opnemen [plannen] {n} calculate in [plannen]
opnemen [berekening] {n} calculate in [berekening]
NL Nederlands EN Engels
opnemen {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
transfer
  • transferred
  • transfer
  • transfer
  • transferred
  • transferred
opnemen [schoonmaken] {n} wipe up [schoonmaken]
opnemen [muziek] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
record [muziek]
  • recorded
  • record
  • record
  • recorded
  • recorded
opnemen [ziekenhuis] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
admit [ziekenhuis]
  • admitted
  • admit
  • admit
  • admitted
  • admitted
opnemen [film] {n} video [film] (informal)
opnemen [film] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
videotape [film]
  • videotaped
  • videotape
  • videotape
  • videotaped
  • videotaped
opnemen [persoon] {n} take in [persoon]
opnemen [film] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
tape [film]
  • taped
  • tape
  • tape
  • taped
  • taped
opnemen [bandrecorder] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
tape [bandrecorder]
  • taped
  • tape
  • tape
  • taped
  • taped
opnemen [plannen] {n} take into account [plannen]
opnemen [fysiologie] {n} assimilation [fysiologie]
opnemen [telefoon] {n} pick up [telefoon]
opnemen [geld] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
withdraw [geld]
  • withdrawn
  • withdraw
  • withdraw
  • withdrew
  • withdrew
opnemen (v) [extract (money from an account)] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
withdraw (v) [extract (money from an account)]
  • withdrawn
  • withdraw
  • withdraw
  • withdrew
  • withdrew
opnemen [bankwezen] {n} take out [bankwezen]
opnemen [bankwezen] {n}
  • opgenomen
  • neemt op
  • nemen op
  • nam op
  • namen op
draw [bankwezen]
  • drawn
  • draw
  • draw
  • drew
  • drew